Diep diep rood

Hangend in een zakje boven mijn hoofd
Voor de witte muur, krijsend als een neonreclame
Vloeistof in plastic aan een paal
Rampkleur
Stroomt door mijn aderen
Het is niet van mij, toch dringt het binnen
Zonder toestemming
Via een slang
Via een naald
Kleurt het mijn lichaam
Angst
Voor mijn eigen lichaam
Een machine naast mijn bed lijkt op een grote bandrecorder
Twee wielen draaien hetzelfde tempo
Mijn bloed gaat door een slang en verdwijnt
In het apparaat
Mijn lichaam vastgeklonken aan het dode ding
Ben ik nu half machine?
Het bloed stroomt terug in mij

Is mijn lichaam nog mijn lichaam
Als zelfs mijn bloed niet meer van mij is?
Onophoudelijk verlies ik mijn lijf
Druppel voor druppel raak ik verder vervreemd van jou

De witte jassen stelen mij
Schimmen zonder verhaal
Hoofden zonder gezicht
Ik bloed

Zielensmart
Een wereld van vuur
En ik mag geen water drinken

Mijn lichaam beschermt niet meer
En gaat op in de omgeving
Er heerst storm op de ic

Wie bestaat nog echt?
Witte vegen zonder begrenzing
Mijn zintuigen zoekende
Deze werkelijkheid past niet in mijn hoofd
Niet in mijn lichaam
Ik ben nog maar tien
Waarom begrijpt niemand dat?
Ik speelde nog verstoppertje
En dat is nu het enige wat ik wil
Mij verstoppen
Verdwijnen
Oplossen in tijd en ruimte
Weg
Ik kan dit niet dragen
Ik zak door het bed
Door de vloer
Door de aarde
Dieper en dieper
En kan weer ademhalen
Zonder machine
Zonder slang in mijn keel
Nu ben ik weer van mezelf
Een meisje

Ik ben door de aarde gezonken
Tot in het middelpunt
Er is een binnenzee
Ik ben bevrijd
Boven zijn ze met mij bezig
Maar ik ben gevlucht

Hier is het warm en droog
Met uitzicht op zee
Hier kan ik dansen met dolfijnen
En theedrinken met moeder aarde
Aan een tafel van water
Ik ben uitgebroken

Mijn ziel is vrij

© Janine Spoelman