Ondergedoken


 
Laat me springen over aaneengesloten heidevelden, de slootjes tegemoet.
Schuilen onder grassprieten achter vergeten heuvels.
Elke dag.
 
Wanneer het te veel wordt. Mag het even stil zijn?
Een korte onderbreking, alleen de zon en ik.
 
Geen dierenleed, maar compassie.
Geen averij, maar harmonie.
 
Zotte zuipers gillen.
Mag de volumeknop ietsje lager? Geen pijn zonder schuld
of überhaupt geen pijn.
 
Het nieuws gedempt. Zere beelden aan mijn kop.
Zal ik een pantser dragen tegen de brute stroming?
 
Of ga ik gehuld in liefde?
Naakt als een boreling die herinnert.
Nooit alleen maar onderdeel van het heelal.